Installeren wifibooster

Installeren wifibooster

  • Bezig met laden...

  • Wil je een Wifibooster of een extra uitbreidingsset installeren?

  • Controleer de inhoud van de doos

    Je gaat je powerline-adapter aansluiten. Check even of alle onderdelen in de doos aanwezig zijn.

    a. Adapter A

    b. Adapter B

    c. 2 internetkabels

  • Uitbreidingsset installeren

    We helpen je stap voor stap met de installatie van de uitbreidingsset van het extra wifi-punt via een stopcontact. Goed om te weten; je kunt de uitbreidingsset pas installeren als je het gewone extra wifi-punt via een stopcontact al hebt geïnstalleerd.

    a.

    Plaats de adapter van de uitbreidingsset (adapter B) in een stopcontact. Doe dit tijdelijk zo dicht mogelijk bij adapter A van het originele extra wifi-punt via het stopcontact. 

    b.

    Druk op de security knop op adapter A. Het bovenste lampje (huisje of stekker) gaat nu knipperen.

    c.

    Druk vervolgens 5 seconden ook op de security knop van de adapter B. Ook hier gaat het bovenste lampje knipperen.

    d.

    Het bovenste lampje gaat nu op beide adapters knipperen. Dan is hij bezig met 'pairen'. Dat betekent dat ze op elkaar aan het afstemmen zijn.

    Klik hieronder op Verder als het bovenste lampje constant blijft branden op beide adapters.

    Blijft het bovenste lampje na vijf minuten nog steeds knipperen of is deze inmiddels uitgegaan? Ga dan terug naar stap b om de adapters opnieuw te koppelen.

    Wifibooster installeren | Klantenservice | Ziggo

    De adapters zijn nu op elkaar afgestemd. We gaan nu naar de plek in huis waar je je wifi bereik wilt uitbreiden.

  • Welke Wifibooster heb je?

  • Controleer de inhoud van de doos

    Je gaat je wifibooster aansluiten. Controleer of alle onderdelen in de doos aanwezig zijn:

    • wifibooster
    • antennes (3 stuks)
    • voeding
    • internetkabel (15 meter)
  • Controleer de inhoud van de doos

    Je gaat je Wifibooster (access point) aansluiten. Controleer of alle onderdelen in de doos aanwezig zijn:

    1. de Wifibooster
    2. werkend internet
    3. de voedingde 
    4. meegeleverde internetkabel
  • De antennes plaatsen

    Schroef de antennes handvast in de booster en richt ze naar boven.

  • Plaats bepalen

    Als je een wifibooster hebt, verwacht je een probleemloze verbinding in (en misschien ook om) huis. Jij helpt door de booster zo goed mogelijk te plaatsen. Daarmee voorkom je dat het signaal wordt verstoord en heeft het een groter bereik.

    Gebruik je al internetkabels op deze plek? Probeer deze dan weer te gebruiken. Je verbindt het access point met de internetkabel uit de pc, en plaatst een extra kabel uit het access point naar deze pc. 

    a.

    • Zet de booster met de voorkant naar voren toe.
    • Zet de wifibooster bij voorkeur op een centrale plek, zodat de aangrenzende kamers meeprofiteren van het signaal.
    • Zet de booster wat hoger. Bij voorkeur 1 tot 2 meter hoog.
    • Zet je het op een hoge kast? Zorg dat er minstens 30 cm ruimte zit tussen de booster en een betonnen plafond.
    • Zorg dat de booster voldoende vrije ruimte om zich heen heeft.
    • Plaats de booster niet dicht bij metalen voorwerpen zoals waterleidingen en radiatoren.
    • Zorg dat er geen metalen of elektrische objecten voor of naast staan (dus niet achter de TV).
    • Zet het apparaat stevig neer zodat het modem niet aan een kabeltje hangt.
    • Dikke muren maken in veel gevallen het signaal zwakker. Hierdoor zullen aangrenzende kamers slechter signaal hebben. Als je hier last van hebt, kun je eventueel een extra wifibooster in die kamer gebruiken.

    b.

    Plaats de booster niet in of achter een kast. Het wifi-signaal wordt daardoor tegengehouden.

    c.

    Plaats de wifibooster niet tussen of vlakbij allerlei andere apparaten die het signaal kunnen verstoren.

    Veelvoorkomende stoorbronnen zijn:

    • smartphones of tablets met 4G
    • draadloze lichtschakelaars
    • babyfoons
    • audiospeakers
    • draadloze huistelefoons (DECT-telefoons)
    • beveiligingscamera's
    • alarmsensoren
    • magnetrons
    • aquariums
    • weerstations
    • elektrische vloerverwarming
    • waterbedden

    d.

    Als je meerdere wifiboosters in huis zet, zorg dan dat het wifi-signaal onderling overlapt. Daarmee voorkom je "blinde vlekken".

    e.

    Zet je ook een booster in de schuur of garage? Dan kun je de booster zo neerzetten dat je ook in de tuin kunt profiteren van goed wifi!

  • De wifibooster aansluiten

    Om je Wifibooster te kunnen gebruiken moet deze verbonden zijn met je wifi-modem. We leggen je uit hoe je dat doet.

    a.

    Volg eerst onderstaande stappen voordat je de stekker in het stopcontact doet:

    • Verbind de Wifibooster en je modem met de internetkabel.
    • Gebruik op je modem een van de gele internetaansluitingen.
    • Gebruik op de Wifibooster de blauwe poort waar 'IN' staat.

    Tip: heb je naast je Ziggo modem een eigen router en staat je Ziggo modem in de bridge modus? Sluit dan de Wifibooster aan op je eigen router.

    Wifibooster installeren | Klantenservice | Ziggo

    b.

    Sluit de voeding aan op de voedingaansluiting van de Wifibooster en steek de stekker in het stopcontact. Het powerlampje gaat nu branden op de voorkant van de Wifibooster.

    Brandt het powerlampje niet? Check of de powerknop achterop de Wifibooster in stand 1 staat.

    Wifibooster installeren | Klantenservice | Ziggo

    c.

    Branden de lampjes op de Wifibooster? Gefeliciteerd, je hebt de Wifibooster goed aangesloten. In de volgende stap leggen we je uit hoe je met dit access point een wifi-verbinding maakt.

  • Plaats bepalen

    Als je een wifibooster hebt, verwacht je een probleemloze verbinding in (en misschien ook om) huis. Jij helpt door de booster zo goed mogelijk te plaatsen. Daarmee voorkom je dat het signaal wordt verstoord en heeft het een groter bereik.

    Gebruik je al internetkabels op deze plek? Probeer deze dan weer te gebruiken. Je verbindt het access point met de internetkabel uit de pc, en plaatst een extra kabel uit het access point naar deze pc. 

    a.

    • Zet de booster met de voorkant naar voren toe.
    • Zet de wifibooster bij voorkeur op een centrale plek, zodat de aangrenzende kamers meeprofiteren van het signaal.
    • Zet de booster wat hoger. Bij voorkeur 1 tot 2 meter hoog.
    • Zet je het op een hoge kast? Zorg dat er minstens 30 cm ruimte zit tussen de booster en een betonnen plafond.
    • Zorg dat de booster voldoende vrije ruimte om zich heen heeft.
    • Plaats de booster niet dicht bij metalen voorwerpen zoals waterleidingen en radiatoren.
    • Zorg dat er geen metalen of elektrische objecten voor of naast staan (dus niet achter de TV).
    • Zet het apparaat stevig neer zodat het modem niet aan een kabeltje hangt.
    • Dikke muren maken in veel gevallen het signaal zwakker. Hierdoor zullen aangrenzende kamers slechter signaal hebben. Als je hier last van hebt, kun je eventueel een extra wifibooster in die kamer gebruiken.

    b.

    Plaats de booster niet in of achter een kast. Het wifi-signaal wordt daardoor tegengehouden.

    c.

    Plaats de wifibooster niet tussen of vlakbij allerlei andere apparaten die het signaal kunnen verstoren.

    Veelvoorkomende stoorbronnen zijn:

    • smartphones of tablets met 4G
    • draadloze lichtschakelaars
    • babyfoons
    • audiospeakers
    • draadloze huistelefoons (DECT-telefoons)
    • beveiligingscamera's
    • alarmsensoren
    • magnetrons
    • aquariums
    • weerstations
    • elektrische vloerverwarming
    • waterbedden

    d.

    Als je meerdere wifiboosters in huis zet, zorg dan dat het wifi-signaal onderling overlapt. Daarmee voorkom je "blinde vlekken".

    e.

    Zet je ook een booster in de schuur of garage? Dan kun je de booster zo neerzetten dat je ook in de tuin kunt profiteren van goed wifi!

  • De wifibooster aansluiten

    Om je booster te gebruiken moet deze verbonden zijn met je wifi-modem. Dat doe je als volgt: 

    a.

    • Verbind je wifibooster met je modem via de internetkabel.
    • Gebruik op je modem een van de gele internetaansluitingen.
    • Gebruik op je booster de blauwe poort waaronder Internet staat.
    • Sluit altijd het wifibooster aan met de internetkabel, voordat je 'm op de stroom aansluit.
       

    Tip: de gele internetaansluitingen zijn de LAN-poorten van het wifi-modem. Zie je geen gele aansluitingen op je wifi-modem? Kijk dan naar de nummers bij de aansluitingen. Nummer 1 tot en met 4 zijn allemaal LAN-aansluitingen en kun je prima gebruiken.

    b.

    Sluit de voeding aan op de voedingaansluiting en steek de stekker in het stopcontact.

    Het lampje Power gaat branden op de voorkant van de wifibooster. Dat is het meest linkse lampje op de voorkant van het apparaat.

    Brandt het powerlampje niet? Check of de powerknop achterop het access point ingedrukt is.

    c.

    Branden de lampjes? Zo ja, gefeliciteerd! Je hebt de booster goed aangesloten. In de volgende stap leggen we je uit hoe je met de wifibooster een wifi-verbinding maakt.

    Tip: niet elke lampje op de booster hoeft stabiel te branden. De meeste lampjes knipperen. Zolang je lampjes ziet knipperen of branden gaat het goed. Gaan er helemaal geen lampjes branden? Neem dan contact met ons op, dan zorgen wij voor een oplossing.

  • Wifi-verbinding maken

    Je gaat nu een wifi-verbinding maken met je extra wifi-punt.

    Kies hieronder je besturingssysteem en maak stap voor stap verbinding met wifi.  

    Staat jouw systeem er niet bij? Pak dan het uitgebreide stappenplan erbij om wifi-verbinding te maken.

  • Wifi-verbinding maken

    Je gaat nu een wifi-verbinding maken met je extra wifi-punt.

    Kies hieronder je besturingssysteem en maak stap voor stap verbinding met wifi.  

    Staat jouw systeem er niet bij? Pak dan het uitgebreide stappenplan erbij om wifi-verbinding te maken.

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Druk op Instellingen. De locatie kan verschillen per Android-apparaat.

    b.

    Druk op Wifi.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-ap gevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    Druk daarna op Opslaan.

    e.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je Android-apparaat en het extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Ga vanaf het hoofdmenu een pagina naar rechts.

    Scroll vervolgens naar beneden en kies voor Instellingen.

    b.

    Druk op Wi-Fi.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    e.

    Er komt verbonden onder het wifi-netwerk te staan, als de verbinding klaar is.

    f.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je smartphone en je extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Druk op Instellingen (de locatie van het icoontje kan per iPhone of iPad verschillen).

    b.

    Druk op Wi-Fi.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    e.

    Druk rechts bovenin je scherm op Verbind. Wacht tot het toestel verbinding maakt.

    f.

    Er komt een blauw vinkje voor het wifi-netwerk te staan, als de verbinding klaar is.

    g.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je iPhone of iPad en het extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Klik links onderin je scherm op Start.

    Kies vervolgens Configuratiescherm.

    b.

    Klik rechts bovenin de balk op de pijltjes naast Weergeven op en kies Grote Pictogrammen.

    c.

    Dubbelklik op het icoon Netwerkcentrum.

    d.

    Klik op Verbinding met een netwerk maken.

    e.

    Klik op het wifi-netwerk waarmee je verbinding wilt maken. Dit is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je router, wifi-modem of extra wifi-punt.

    Klik daarna op Verbinding maken.

    f.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is de wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je router, wifi-modem of extra wifi-punt. Klik daarna op OK.

    g.

    Windows vraagt vervolgens om een Locatie voor netwerk. Klik op Thuisnetwerk.

    h.

    Je ziet nu het door je gekozen netwerk in je scherm bevestigd.

    Klik rechts onderin je scherm op Sluiten.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Plaats het muispijltje rechtsboven in het scherm. Je ziet nu het menu verschijnen.

    Klik op Instellingen. 

    b.

    Klik onderin je scherm op het Beeldscherm icoon.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Klik op Verbinding maken.

    e.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    f.

    Klik op Ja, schakel delen en verbinding maken met apparaten in.

    g.

    Achter het wifi-netwerk staat nu: Verbonden.

    h.

    Gefeliciteerd! Je hebt nu een wifi-verbinding met je extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Klik rechtsonder in het scherm op het wifi icoontje.

    b.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-ap gevolgd door 7 cijfers.

    c.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    d.

    Klik op Ja om zo het verbinden met andere apparaten op je wifi-netwerk mogelijk te maken.

    Onder het wifi-netwerk staat nu: Verbonden.

    e.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je laptop en je extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Klik links bovenin je scherm op het appeltje en klik op Systeemvoorkeuren.

    b.

    Dubbelklik onder het kopje Internet en netwerk op het Netwerk-icoon.

    c.

    Klik op Wi-Fi.

    d.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    e.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    f.

    Klik links bovenin je scherm op het rode bolletje.

    g.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je MacBook en het extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Plaats bepalen

    Als je een wifibooster hebt, verwacht je een probleemloze verbinding in (en misschien ook om) huis. Jij helpt door de booster zo goed mogelijk te plaatsen. Daarmee voorkom je dat het signaal wordt verstoord en heeft het een groter bereik. Wifi is namelijk op z'n sterkst in een open ruimte, weg van andere elektronische apparaten. 

    a.

    • Stop de wifibooster alleen in een stopcontact in de muur. Het werkt niet om het in een stekkerdoos of verlengsnoer te doen.
    • Hang de wifibooster bij voorkeur op een centrale plek, zodat de aangrenzende kamers meeprofiteren van het signaal.
    • Zorg dat de booster voldoende vrije ruimte om zich heen heeft.
    • Plaats de booster niet dicht bij metalen voorwerpen zoals waterleidingen en radiatoren.
    • Zorg dat er geen metalen of elektrische objecten voor of naast staan (dus niet achter de TV).
    • Dikke muren maken in veel gevallen het signaal zwakker. Hierdoor zullen aangrenzende kamers slechter signaal hebben. Als je hier last van hebt, kun je eventueel een extra wifibooster in die kamer gebruiken.

    Het stopcontact dat in de wifibooster zit kan een maximale belasting van 2300 Watt aan. Overbelasting kan kortsluiting veroorzaken en maakt de wifibooster kapot.

    Sluit daarom niet meerdere apparaten aan op deze aansluiting. Ook apparaten met piekbelasting (zoals een magnetron, wasmachine of -droger) kunnen niet op de booster aangesloten worden. 

    b.

    Plaats de booster niet in of achter een kast. Het wifi-signaal wordt daardoor tegengehouden.

    c.

    Plaats de wifibooster niet tussen of vlakbij allerlei andere apparaten die het signaal kunnen verstoren.

    Veelvoorkomende stoorbronnen zijn:

    • smartphones of tablets met 4G
    • draadloze lichtschakelaars
    • babyfoons
    • audiospeakers
    • draadloze huistelefoons (DECT-telefoons)
    • beveiligingscamera's
    • alarmsensoren
    • magnetrons
    • aquariums
    • weerstations
    • elektrische vloerverwarming
    • waterbedden

    d.

    Je kunt de dekking van je netwerk eenvoudig uitbreiden door extra wifiboosters te installeren. Als je meerdere wifiboosters in huis hebt, zorg dan dat het wifi-signaal onderling overlapt. Daarmee voorkom je "blinde vlekken". Dit is natuurlijk niet nodig als je de booster gebruikt om op specifieke plekken wifi te hebben.

    e.

    Wil je ook een booster in de schuur of garage? Dat kan. Bovendien kun je de booster zo plaatsen dat je ook in de tuin kunt profiteren van goed wifi!

    f.

    Als het signaal voor de wifibooster een lange afstand moet afleggen, kan het signaal verstoord raken. Dit kun je controleren via de lampjes op de booster.

    Led Naam Adapter A Adapter B Kleur Modus Omschrijving
    Verbindingsstatus X X Groen Aan De verbinding is optimaal.
    Knipperend De adapters maken geen verbinding.
    Oranje Aan De verbinding is niet optimaal. Er zijn een paar storingen in het elektriciteitsnetwerk.
    Rood Aan De verbinding is niet goed. Er zijn veel storingen in het elektriciteitsnetwerk.
    Geen lampje Er is geen verbinding.
    Wifi 2,4 GHz   X Groen Aan De adapter gebruikt de 2,4 GHz-verbinding.
    Geen lampje De adapter gebruikt niet de 2,4 GHz-verbinding.
    Wifi 5 GHz   X Blauw Aan De adapter gebruikt de 5 GHz-verbinding.
    Geen lampje De adapter gebruikt niet de 5 GHz-verbinding.
    LAN X X Groen Aan De adapter is via een kabel verbonden met internet.
    Power X X Groen Aan De adapter staat aan.
    Knipperend De adapter wordt niet gebruikt en staat in een energiebesparende slaapstand.
  • De powerline-adapters aansluiten

    De powerline-adapter in het stopcontact steken is makkelijk. Toch hebben we een paar tips voor een zo goed mogelijke wifi-verbinding. 

    a.

    Druk adapter A in een stopcontact zo dicht mogelijk bij je modem.

    Het kan zijn dat er al een apparaat of stekkerdoos in het stopcontact zit. Wat doe je dan?

    • Haal de stekker los.
    • Druk eerst adapter A in het stopcontact.
    • Druk de stekkerdoos of het apparaat in adapter A.

    Het stopcontact dat in de wifibooster zit kan een maximale belasting van 2300 Watt aan. Overbelasting kan kortsluiting veroorzaken en maakt de wifibooster kapot.

    Sluit daarom niet meerdere apparaten aan op deze aansluiting. Ook apparaten met piekbelasting (zoals een magnetron, wasmachine of -droger) kunnen niet op de booster aangesloten worden. 

    b.

    Verbind adapter A en je modem met een internetkabel. Gebruik een gele internetaansluiting van je modem. 

    Op adapter A kleuren de lampjes van Power en LAN groen.

    c.

    Kies een plek in huis of op je werkplek waar je extra wifi-bereik wilt of waar je nu een minder goede wifi-verbinding hebt. Pak adapter B en ga naar de ruimte waar je het extra wifi-punt wilt aansluiten.

    d.

    Als het signaal voor de wifibooster een lange afstand moet afleggen, kan het signaal verstoord raken. Dit kun je controleren via de lampjes op de booster.

    Led Naam Kleur Modus Omschrijving

    Status verbinding Groen Aan De verbinding is optimaal
    Knipperend De adapters maken geen verbinding
    Oranje Aan Verbinding is niet optimaal. Storing in het elektriciteitsnetwerk
    Rood Aan Verbinding is niet goed. Te veel storing in het elektriciteitsnetwerk
    Geen lampje Uit Er is geen verbinding
    Wifi 2,4 GHz Groen Aan Gebruikt de 2,4 GHz
    Geen lampje Uit Gebruikt geen 2,4 GHz
    Wifi 5 GHz Blauw Aan Gebruikt de 5 GHz
    Geen lampje Uit Gebruikt geen 5 GHz
    LAN Groen Aan Via de kabel verbonden met internet

    Power Groen Aan Staat aan
    Knipperend Niet gebruikt, staat in een energiebesparende slaapstand
  • Plaats bepalen

    Als je een wifibooster hebt, verwacht je een probleemloze verbinding in (en misschien ook om) huis. Jij helpt door de booster zo goed mogelijk te plaatsen. Daarmee voorkom je dat het signaal wordt verstoord en heeft het een groter bereik. Wifi is namelijk op z'n sterkst in een open ruimte, weg van andere elektronische apparaten. 

    a.

    • Stop de wifibooster alleen in een stopcontact in de muur. Het werkt niet om het in een stekkerdoos of verlengsnoer te doen.
    • Hang de wifibooster bij voorkeur op een centrale plek, zodat de aangrenzende kamers meeprofiteren van het signaal.
    • Zorg dat de booster voldoende vrije ruimte om zich heen heeft.
    • Plaats de booster niet dicht bij metalen voorwerpen zoals waterleidingen en radiatoren.
    • Zorg dat er geen metalen of elektrische objecten voor of naast staan (dus niet achter de TV).
    • Dikke muren maken in veel gevallen het signaal zwakker. Hierdoor zullen aangrenzende kamers slechter signaal hebben. Als je hier last van hebt, kun je eventueel een extra wifibooster in die kamer gebruiken.

    Het stopcontact dat in de wifibooster zit kan een maximale belasting van 2300 Watt aan. Overbelasting kan kortsluiting veroorzaken en maakt de wifibooster kapot.

    Sluit daarom niet meerdere apparaten aan op deze aansluiting. Ook apparaten met piekbelasting (zoals een magnetron, wasmachine of -droger) kunnen niet op de booster aangesloten worden. 

    b.

    Plaats de booster niet in of achter een kast. Het wifi-signaal wordt daardoor tegengehouden.

    c.

    Plaats de wifibooster niet tussen of vlakbij allerlei andere apparaten die het signaal kunnen verstoren.

    Veelvoorkomende stoorbronnen zijn:

    • smartphones of tablets met 4G
    • draadloze lichtschakelaars
    • babyfoons
    • audiospeakers
    • draadloze huistelefoons (DECT-telefoons)
    • beveiligingscamera's
    • alarmsensoren
    • magnetrons
    • aquariums
    • weerstations
    • elektrische vloerverwarming
    • waterbedden

    d.

    Je kunt de dekking van je netwerk eenvoudig uitbreiden door extra wifiboosters te installeren. Als je meerdere wifiboosters in huis hebt, zorg dan dat het wifi-signaal onderling overlapt. Daarmee voorkom je "blinde vlekken". Dit is natuurlijk niet nodig als je de booster gebruikt om op specifieke plekken wifi te hebben.

    e.

    Wil je ook een booster in de schuur of garage? Dat kan. Bovendien kun je de booster zo plaatsen dat je ook in de tuin kunt profiteren van goed wifi!

    f.

    Als het signaal voor de wifibooster een lange afstand moet afleggen, kan het signaal verstoord raken. Dit kun je controleren via de lampjes op de booster.

    Led Naam Adapter A Adapter B Kleur Modus Omschrijving
    Verbindingsstatus X X Groen Aan De verbinding is optimaal.
    Knipperend De adapters maken geen verbinding.
    Oranje Aan De verbinding is niet optimaal. Er zijn een paar storingen in het elektriciteitsnetwerk.
    Rood Aan De verbinding is niet goed. Er zijn veel storingen in het elektriciteitsnetwerk.
    Geen lampje Er is geen verbinding.
    Wifi 2,4 GHz   X Groen Aan De adapter gebruikt de 2,4 GHz-verbinding.
    Geen lampje De adapter gebruikt niet de 2,4 GHz-verbinding.
    Wifi 5 GHz   X Blauw Aan De adapter gebruikt de 5 GHz-verbinding.
    Geen lampje De adapter gebruikt niet de 5 GHz-verbinding.
    LAN X X Groen Aan De adapter is via een kabel verbonden met internet.
    Power X X Groen Aan De adapter staat aan.
    Knipperend De adapter wordt niet gebruikt en staat in een energiebesparende slaapstand.
  • In gebruik nemen

    a.

    Adapter B heeft zijn eigen netwerknaam en wachtwoord. Dit verschilt dus met het bestaande extra wifi-punt.

    Op de achterkant van de adapter zit een witte sticker. Hierop staat de netwerknaam en het wifi-wachtwoord. Deze gegevens hebben we straks nodig. Schrijf ze op of maak er er een foto van met je smartphone. 

    In het voorbeeld zijn de netwerknaam en het wifi-wachtwoord oranje gekleurd. 

    b.

    Druk adapter B uit de uitbreidingsset in het stopcontact.

    Zit er al een stekker van een ander apparaat in het stopcontact? Haal deze dan los, druk de adapter in het stopcontact en druk de losgehaalde stekker in het stopcontact van de adapter. 

    Er gaan nu vier lampjes branden op de adapter.

  • In gebruik nemen

    a.

    Op de achterkant van adapter B zit een witte sticker. Hierop staat de netwerknaam en het wifi-wachtwoord. Deze gegevens hebben we straks nodig. Schrijf ze op of maak er er een foto van met je smartphone. 

    In het voorbeeld zijn de netwerknaam en het wifi-wachtwoord oranje gekleurd. 

    b.

    Druk adapter B in het stopcontact.

    Zit er al een stekker van een ander apparaat in het stopcontact? Haal deze dan los, druk adapter B in het stopcontact en druk de losgehaalde stekker in het stopcontact van adapter B. 

    Er gaan nu vier lampjes branden op adapter B.

    Het stopcontact dat in de wifibooster zit kan een maximale belasting van 2300 Watt aan. Overbelasting kan kortsluiting veroorzaken en maakt de wifibooster kapot.

    Sluit daarom niet meerdere apparaten aan op deze aansluiting. Ook apparaten met piekbelasting (zoals een magnetron, wasmachine of -droger) kunnen niet op de booster aangesloten worden. 

  • Herstart je apparatuur

    Je hebt nog geen verbinding met je booster. Dat los je vaak op door een herstart.

    a.

    Haal eerst de stekker van je Wifibooster uit het stopcontact

    Laat hem nog even uit staan.

    b.

    Haal de stekker van je wifi-modem uit het stopcontact

    Laat je modem nog even uit staan.

    c.

    Zet nu je laptop, tablet of smartphone uit

    d.

    Zet je apparaten 1 voor 1 weer aan

    De volgorde is belangrijk. Doe dit je als volgt:

    • Stop de stekker van je modem in het stopcontact en wacht 7 minuten tot het volledig is opgestart
    • Doe ditzelfde nu met je wifibooster 
    • Zet als laatste je tablet, laptop of smartphone weer aan

    Het duurt tot 1 uur voor je wifi weer helemaal op snelheid is.

    Heb je nu een werkende wifi-verbinding met je wifibooster?

  • Laten we het samen verder oplossen

    Je hebt alle stappen goed doorlopen, maar het is helaas niet gelukt. 
    Stel je vraag op de Ziggo Community of neem contact op met onze Klantenservice. Dan kijken we samen naar een oplossing.

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Ga vanaf het hoofdmenu een pagina naar rechts.

    Scroll vervolgens naar beneden en kies voor Instellingen.

    b.

    Druk op Wi-Fi.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    e.

    Er komt verbonden onder het wifi-netwerk te staan, als de verbinding klaar is.

    f.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je smartphone en je extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Plaats het muispijltje rechtsboven in het scherm. Je ziet nu het menu verschijnen.

    Klik op Instellingen. 

    b.

    Klik onderin je scherm op het Beeldscherm icoon.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Klik op Verbinding maken.

    e.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    f.

    Klik op Ja, schakel delen en verbinding maken met apparaten in.

    g.

    Achter het wifi-netwerk staat nu: Verbonden.

    h.

    Gefeliciteerd! Je hebt nu een wifi-verbinding met je extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Druk op Instellingen (de locatie van het icoontje kan per iPhone of iPad verschillen).

    b.

    Druk op Wi-Fi.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    e.

    Druk rechts bovenin je scherm op Verbind. Wacht tot het toestel verbinding maakt.

    f.

    Er komt een blauw vinkje voor het wifi-netwerk te staan, als de verbinding klaar is.

    g.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je iPhone of iPad en het extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Druk op Instellingen. De locatie kan verschillen per Android-apparaat.

    b.

    Druk op Wifi.

    c.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-ap gevolgd door 7 cijfers.

    d.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    Druk daarna op Opslaan.

    e.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je Android-apparaat en het extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Klik links bovenin je scherm op het appeltje en klik op Systeemvoorkeuren.

    b.

    Dubbelklik onder het kopje Internet en netwerk op het Netwerk-icoon.

    c.

    Klik op Wi-Fi.

    d.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-apgevolgd door 7 cijfers.

    e.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    f.

    Klik links bovenin je scherm op het rode bolletje.

    g.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je MacBook en het extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Klik rechtsonder in het scherm op het wifi icoontje.

    b.

    Druk op de netwerknaam waarmee je verbinding wilt maken.

    De netwerknaam is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt. De naam begint met ziggo-ap gevolgd door 7 cijfers.

    c.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is het wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je extra wifi-punt.

    d.

    Klik op Ja om zo het verbinden met andere apparaten op je wifi-netwerk mogelijk te maken.

    Onder het wifi-netwerk staat nu: Verbonden.

    e.

    Je hebt nu een wifi-verbinding tussen je laptop en je extra wifi-punt.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Wifi-verbinding maken

    a.

    Klik links onderin je scherm op Start.

    Kies vervolgens Configuratiescherm.

    b.

    Klik rechts bovenin de balk op de pijltjes naast Weergeven op en kies Grote Pictogrammen.

    c.

    Dubbelklik op het icoon Netwerkcentrum.

    d.

    Klik op Verbinding met een netwerk maken.

    e.

    Klik op het wifi-netwerk waarmee je verbinding wilt maken. Dit is de naam van je wifi-netwerk. Deze staat op een witte sticker onderop je router, wifi-modem of extra wifi-punt.

    Klik daarna op Verbinding maken.

    f.

    Vul het wifi-wachtwoord in. Dit is de wachtwoord van het netwerk waarmee je verbinding wilt maken.

    Het wifi-wachtwoord staat op een witte sticker onderop je router, wifi-modem of extra wifi-punt. Klik daarna op OK.

    g.

    Windows vraagt vervolgens om een Locatie voor netwerk. Klik op Thuisnetwerk.

    h.

    Je ziet nu het door je gekozen netwerk in je scherm bevestigd.

    Klik rechts onderin je scherm op Sluiten.

    Werkt je wifi-verbinding?

  • Controleer het statuslampje van adapter B

    Het bovenste lampje op adapter B geeft de status van de verbinding aan. De verbinding is goed wanneer het lampje groen is en continu brandt.

    Hoe brandt het statuslampje?

    Het bovenste lampje op adapter B geeft de status van de verbinding aan. De verbinding is goed wanneer het lampje groen is en continu brandt. 

    Wifibooster installeren | Klantenservice | Ziggo
  • Controleer de werking van de adapters

    De powerline-adapters hebben nu geen goede verbinding. Dat kan twee redenen hebben. Adapter A en adapter B kennen elkaar nog niet, of ze kunnen elkaar niet vinden. 

    Eerst controleren we of de adapters elkaar kennen. De adapters worden 'gepaird' geleverd. Dat betekent dat ze op elkaar zijn afgestemd.

    a.

    Voor deze test hebben we een stekkerdoos, adapter A en adapter B nodig.

    Haal de adapters weer los en pak een stekkerdoos. 

    b.

    Druk adapter A en adapter B naast elkaar in een stekkerdoos. Zorg dat de stekkerdoos ingeplugd is, zodat de powerlampjes branden.

    De adapters kunnen nu met elkaar een verbinding maken, zonder tussenkomst van apparaten die storen of verschillende elektriciteitsgroepen die niet op elkaar zijn aangesloten.

    Gaat het bovenste lampje op de adapters nu wel groen branden?

  • Status adapters is groen

    Het statuslampje is groen. Dat betekent dat de twee powerline-adapters een goede verbinding hebben met elkaar. Toch heb je nog geen goede wifi-verbinding. Dat is vervelend.

    We gaan kijken waar het probleem ligt. We checken ons netwerk en je thuisnetwerk met het volgende stappenplan.

  • Lampje is uit

    Lukt het om een goede verbinding te maken?

    Het statuslampje brand niet. Probeer adapter B in een ander stopcontact en wacht tot de lampjes opnieuw gaan branden.

  • Status adapters is groen

    Nu branden de statuslampjes wel groen. De adapters hebben nu een goede verbinding. Dat betekent dat de stopcontacten die we eerder gebruikten geen goede verbinding hebben.

    Een slechte verbinding kan verschillende oorzaken hebben: 

    • Je adapter is niet rechtstreeks op het stopcontact aangesloten. 
    • Je adapter zit in een verkeerd stopcontact. Probeer een ander stopcontact, bij voorkeur eentje die geaard is. 
    • Je elektriciteitsnetwerk is te zwaar belast. Dit komt bijvoorbeeld door dimmers, draaiende wasmachines of andere apparatuur. 
    • Je adapters zitten op verschillende groepen aangesloten die geen goede verbinding hebben. 

    Probeer verschillende stopcontacten voor een goede verbinding.

    Lukt het om een goede verbinding te maken?

  • De powerline-adapters opnieuw pairen

    De twee powerline-adapters zijn standaard aan elkaar gepaird. Dat betekent dat ze weten dat ze bij elkaar horen en met elkaar communiceren. 

    Waarschijnlijk is deze pairing niet goed gegaan. Geen probleem, we lossen het in een paar tellen op.

    a.

    Alle twee de adapters zitten nog bij elkaar in een stekkerdoos. Het powerlampje brandt nu groen.

    b.

    Druk twee tot vijf seconden op de Security-knop van adapter A.

    c.

    Druk nu twee tot vijf seconden op de Security-knop van adapter B

    Het statuslampje van adapter B gaat branden. De adapters zijn nu gepaird. 

    De kleur van het statuslampje op adapter B zegt iets over de kwaliteit van de verbinding. Groen is goed. Met een oranje of rood lampje heb je een lagere snelheid.

    d.

    De adapters zijn nu gekoppeld. Controleer opnieuw of je een wifi-verbinding kunt maken. 

    Daarna plaats je adapter B weer in een ruimte waar je extra wifi-bereik nodig hebt.

    Heb je nu een werkende wifi-verbinding met je powerline-adapter?

  • Gelukt?

    We hopen dat je Wifiboosters nu werken!  Het duurt tot een uur voor je wifi weer helemaal op snelheid is.

    Toch nog een vraag?

    Onze wifi-specialisten helpen je graag verder.

    Netwerknaam en wachtwoord wijzigen

    Het is handig om de netwerknaam en het wachtwoord van je wifi-versterkers te veranderen. Zo herken je meteen je eigen netwerk en kun je makkelijk opnieuw verbinding maken als dat nodig is.

  • Een wifi-versterker installeren

  • De SmartWifi pods installeren

    Fijn dat je hebt gekozen voor de SmartWifi pods. Met dit stappenplan helpen we je met het installeren van je SmartWifi pods.

  • Open de SmartWifi app

    De SmartWifi app geïnstalleerd? Ga naar de app op je mobiel of tablet en open de app.

    Heb je de app niet meer? De SmartWifi app opnieuw downloaden en meer informatie vind je hier.

  • De SmartWifi pods installeren

    a.

    Druk op Apparaten onderaan in de app

    b.

    Druk op de drie puntjes rechtsboven

    Wacht 2 minuten tot de app verbonden is met je thuisnetwerk.

    c.

    Kies Voeg SmartWifi pod toe

    Wat staat er nu in de app?

  • Gemakkelijk installeren met de SmartWifi app

    Je SmartWifi pods installeer je met de SmartWifi app.  Zet 'm op je smartphone of tablet voor je aan de installatie begint. 

  • Optimaliseer je wifi-netwerk

    a.

    Druk op Optimaliseren en daarna op Start

    Voordat je de SmartWifi pods kunt installeren, moet je via de app je wifi-netwerk optimaliseren.

    b.

    Kies de wifi-naam die je wil gebruiken en klik op Doorgaan

    c.

    Ga naar Instellingen en verbind met je eigen wifi-netwerk

    Wacht tot de app klaar is met het optimaliseren van je wifi.
    Ga dan naar je wifi-instellingen en maak verbinding met het wifi-netwerk met de net gekozen naam.

    d.

    Druk op Afronden

    Je wifi-netwerk gebruikt nu de optimale instellingen.

    Mogelijk moet je eenmalig je wifi-netwerk op je computer, smartphone en andere apparaten opnieuw instellen.

  • a.

    Druk op Start

    b.

    Geef aan hoeveel pods je wilt installeren

    Geef het aantal SmartWifi pods op dat je wil installeren en bekijk de tips over het plaatsen van je pods.

    c.

    Scan de barcode of voer deze handmatig in

    De barcode staat op de achterkant van je pods. Scan deze met je camera of voer de code handmatig in.

    Gebruik je de barcode scanner? De app heeft dan je toestemming nodig om even je camera te kunnen gebruiken. 

    d.

    Stop de SmartWifi pod in het stopcontact

    • Verdeel je pods gelijkmatig door je huis (je wifi-modem telt ook mee als een extra pod)
    • De SmartWifi pods en je wifi-modem moeten elkaar nog wel kunnen vinden. Plaats ze daarom niet verder dan 9 tot 12 meter (met obstakels) bij elkaar vandaan
    • Plaats de pods in een vrije omgeving dus niet bij apparaten die kunnen storen, in een kast of achter metalen meubels
    • Is een internetkabel beschikbaar? Sluit dan de SmartWifi pod aan met een kabel

     

  • Plaats bepalen SmartWifi pods

    Volg onze adviezen om het wifi-signaal van je SmartWifi pod(s) zo goed mogelijk te laten werken.

    .

    a.

    Aansluiten zonder internetkabel?

    • ​Plaats de pod(s) op een plek waar je wifi-bereik nog goed is. Dus niet waar je nu geen wifi hebt.
    • Plaats ze zoveel mogelijk in het midden van het huis, liefst bij het trapgat
    • Als je modem ver van het trapgat staat, plaats dan op de verdieping met je modem een pod bij het trapgat
    • Sla geen verdiepingen over
    • De afstand tussen het modem en/of de pods mag tussen de 6 en 9 meter zijn mét obstakels, en 2 keer zo ver zonder obstakels

    b.

    Aansluiten met een internetkabel

    • Plaats de pod(s) waar je weinig of geen wifi-bereik hebt
    • Plaats de pod op een minimale afstand van 6 meter van je modem en/of een andere pod.​
    • De kabel moet aan je modem en de pod verbonden zijn. Dus niet van pod naar pod.​
    .

    c.

    Waar je verder op moet letten

    • Plaats de pod het liefst wat hoger en in het zicht
    • Zorg voor genoeg ruimte rondom de pod
    • Plaats de pod niet dichtbij andere elektronische apparaten: vermijd stoorbronnen
    • Het werkt het beste als het modem en de pod 'elkaar kunnen zien'
    • Plaats als dat lukt de pod op de volgende verdieping recht boven de andere pod
    • Na de installatie duurt het ongeveer een uur tot de kwaliteit van je wifi goed is

    Plaats een pod voor het raam of in de schuur of garage en sluit hem aan met een internetkabel. De pod is niet waterdicht!

  • Je installatie voltooien

    Doorloop de stappen in de app en druk op Afronden

    En klaar ben je!